scheuren-afleggen-marcotteren

 

euonymus_kardinaalsmuts

Scheuren-afleggen-marcotteren

 

Delen- scheuren

Delen en scheuren in:
Najaar,  in september – oktober – november
Voorjaar in maart – april – mei.

Scheuren in het voorjaar is bekend, maar ook in de nazomer kunnen we veel planten scheuren en delen.
September is een mooie tijd om planten te delen, vooral wanneer de plant is uitgebloeid. Er is dan voor de wortels nog voldoende tijd om te herstellen en klaar te zijn voor de winter. Veel planten zijn na drie tot vijf jaar aan verjonging toe door te delen. En delen is ook vermeerderen door de krachtige groei en bloei na het delen. Planten deel je als de plant te groot is en de border er te vol door is geworden of wanneer de groei en bloei sterk afgenomen is. Vaak is het hart van de plant kaler en zonder hernieuwde groei geworden. Tijd om te verjongen en te delen. Haal de wortelkluit er met een ruime hoeveelheid grond erom heen uit zodat de wortels zo min mogelijk beschadigen. Zet een schop of riek schuin onder de wortelkluit in de grond mogelijk op meerdere plaatsen en duw de kluit omhoog. Lukt dit dat is het een vrij losse wortelkluit en kan hij met de hand gescheurd worden. Haal de jonge vitale delen van de delen af waar niet veel leven meer in zit, die kunnen meteen op de composthoop. Zet de gezonde delen met jonge groeipunten terug in de grond. Wanneer de plant ook te groot is geworden kan een gedeelte op een andere plaats in de tuin worden gezet of je kan de buren er mee verblijden.

Een vaste en grote kluit scheuren
Wanneer de kluit toch iets te vast of te groot is om met de hand te scheuren dan kan er met gereedschap een mes of snoeischaar een begin gemaakt worden. Rustig scheuren met geduld, maakt minder kapot dan snijden.

Als de kluit heel vast in de grond zit dan is er wat meer kracht en tact nodig. Het beste is om een spade of riek ruim om de hele kluit heen flink in de grond te steken. En dan schuin onder de kluit te steken en al wrikkend te kluit los te krijgen. De kluit kan ook altijd rondom wat uitgegraven worden om de wortels niet te veel te beschadigen. Om een harde kluit te delen is een scherpe spade noodzakelijk en zal de kluit met kracht doormidden gehakt moeten worden. Desnoods moet er een zaag aan te pas komen of kan de kluit in stuk gesneden worden. Blijf er op gericht te wortels niet onnodig te beschadigen. Haal ook nu de vitale jonge delen met zichtbare groeipunten los van de delen waar geen of weinig groei te zien is.

Terug plaatsen
Planten met een stevig onderstel zijn bijvoorbeeld de polvormende siergrassen zoals lampenpoetsergras en kruidachtige gewassen zoals hosta`s. De plant zal weer voor jaren fris  en vitaal groeien en in het wenselijke formaat. Plant de jonge delen met groeipunten terug in de grond. Maak hiervoor een flink plantgat en maak de  grond erin rul voeg er daarna potgrond in. Wanneer de grond droog is water toevoegen. Plant nu de jonge delen weer in het plantgat op de diepte waar ze eerst ook stonden, druk de grond goed aan en geef de eerste tijd voldoende water om de wortels tegemoet te komen voor ze zelf weer voldoende water kunnen zoeken.

Enkele bekende soorten  welke gescheurd kunnen worden zijn:

Lupinen – delen of scheuren om de drie jaar delen
Gewone Margriet (Chrysanthemum leucanthemum) -delen of scheuren.
Alant (Inula orientalis) – delen en scheuren in najaar en voorjaar.
Astilbe (Peach Blossom)-delen of scheuren in het najaar.
Puntwederik
(Lysimachia punctata)- delen of scheuren in najaar en voorjaar.
Elfenbloem(Epimedium) heeft vrij losse wortelkluit  houdt van vochtige humusrijke losse grond en schaduw. Bloeit vroeg in het voorjaar dat delen verbetert de bloei.

Monnikskap- Aconitum henryi ‘Spark’-om de drie jaar scheuren in het najaar. Ook is kopstek een mogelijkheid van vermeerderen. Alle delen van de plant zijn giftig.
Meisjesogen (Coreopsis grandiflora)- scheuren of delen in het najaar of voorjaar. Of zaaien, zaait zichzelf uit snel uit in de tuin.
Maagdenpalm
(Vinca major)delen gaat heel goed maar kan ook vanuit wortelstek. Snel groeiende groenblijvende bodembedekker met bloei vroeg in het voorjaar.

Ooievaarsbek(geranium) heeft wortelstok is gemakkelijk te delen. Ook eenvoudig te stekken.
Hertshooi (Sint-Janskruid)- delen of scheuren in najaar en voorjaar en door zaaien te vermeerderen.
Fijnstraal (Erigeron) om de drie jaar scheuren.

Ridderspoor(Delphinium) ook om de aantal jaar verplaatsen om de grond niet uit te putten aan voeding.
Zonnehoed (Rudbeckia) heeft wortelstok kan in voorjaar gedeeld worden
Eendagsbloem (Tradescantia) of Mozes in het biezenmandje – heeft wortelstok en kan het beste om de vijf jaar gedeeld worden.
Purperklokje (heuchera) heeft vrij losse wortelkluit, is gemakkelijk te delen.
Phloxen is gemakkelijk te delen/verjongen en te vermeerderen om de vier jaar. Bodembedekker met weelderige bloei en veel bezoek van vlinders.
Tijm om de paar jaar scheuren in het najaar, kan ook gestekt (hielstek)en gezaaid worden in het voorjaar.

Marjolein- in najaar scheuren gaat goed, kan in het voorjaar ook gestekt en gezaaid worden.
Valeriaan scheuren met schop in voor en najaar. Ieder stukje valeriaan waar nog wortels aan zitten zal uitlopen.
Siergrassen zoals lampenpoetsergras (pennisetum)om de aantal jaren scheuren .
Vrouwenmantel (Alchemilla mollis) stevige wortelkluit.
Hosta`s –opletten want zezijn geliefd bij slakken
Duizendblad(Achillea) om de drie jaar scheuren maar is niet bij alle soorten nodig.
Vetkruid (Sedum spectabile)vlinderplant in de rotstuin.
Herfst Asters- gemakkelijk te vermeerderen door delen in het voorjaar. Bloeit van augustus tot de eerste nachtvorst.

 

uitlopers aarbei
uitlopers aardbei

Uitlopers boven de grond

Sommige planten vormen uitlopers. Vanuit de knopen ontstaan nieuwe plantjes zoals bij de aardbei. Deze nieuwe plantjes gaan ook weer wortelen en groeien uit tot volwassenplanten.

Opbouw en functies van een tak of stam

De sapstroom een plant wordt aan de buitenkant van een tak of stam getransporteerd.
De buitenste laag aan een houtige tak of stam is de schors deze heeft een beschermende functie. Daar onder zit de bast, waar de neerwaartse sapstroom door heen gaat. Vervolgens een heel dun laagje van slechts één cel dik is het cambium. Dit is een heel belangrijke laag want alleen het cambium is in staat om naar buiten toe bastweefsel aan te maken. En naar binnen toe houtweefsel aan te vormen. De laag na het cambium is spinthout, dit is jong hout dat in de laatste jaren is gevormd. Door dit spinthout loopt de opwaartse sapstroom dus van vervoer van water en voedingsstoffen van de wortels naar de bladeren. Nog verder naar de binnen bevindt zich het kernhout. Dit is afgestorven spinthout dat daar uitstekend geconserveerd blijft en de nodige stevigheid geeft aan de heester of boom.

De opbouw is dus als volgt:
Schors– bescherming
Bast– neerwaartse sapstroom
Cambium-instaat bastweefsel aan te maken
Spinthout-opwaarste sapstroom
Kernhout -stevigheid

 

opbouw tak en stam    Afleggen top omhoog
opbouw van tak en stam                                                bij afleggen kan het uiteinde van de scheut omhoog geleidt worden

Afleggen

Afleggen is een proces welke ook in de natuur voorkomt wanneer een jonge scheut ombuigt naar de bodem en daarop blijft liggen. Op de plaats waar de tak de grond raakt zal wortelgroei ontstaan en een nieuwe plant groeien. Bij afleggen doen we niet veel anders. Het is wel belangrijk dat de moederplant gezond is en goed groeit/bloeit.

Neem een jonge vitale scheut met duidelijke groeikracht en welke gemakkelijk te buigen is (of al over de grond groeit). Buig deze scheut om naar de grond. Daar waar de scheut de grond in gaat om te wortelen wordt er aan de onderkant een verwonding gemaakt om de wortelgroei te stimuleren. Doe dit bijvoorbeeld door met een mes de bast en het cambiumlaagje, op die plaats er een stukje af te halen of een schuine insnijding te maken en deze open te houden door middel van een steentje. Leg de afgebogen scheut met de verwonding in een klein kuiltje. De grond is hierin rul gemaakt zodat de jonge wortels er gemakkelijk doorheen kunnen. Nu is het de kunst om te zorgen dat de tak niet weer omhoog wipt. Hiervoor buig je een metalen draad in een u-vorm over de tak heen en steekt beide uiteinden van het metaaldraad stevig in de grond. Dit kan ook met ander materiaal natuurlijk. Als de tak maar nergens meer heen kan. Leg er een laagje aarde of potgrond overheen en de natuur doet de rest. Na een paar maanden zal de tak op de plaats waar de scheut in de grond ligt wortels  gevormd hebben en uit gaan lopen. Het is wel de bedoeling dat het daglicht de groeirichting kan bepalen, dus niet te diep in de grond leggen. Het is goed dat de grond wat vochtig aanvoelt, anders water geven.

Wanneer er een nieuwe plant is ontstaan kan de verbinding met de moederplant eenvoudig verbroken worden. Doe dit met scherp en schoon gereedschap. Het nieuwe plantje kan blijven staan of verplant worden naar een andere plaats in de tuin.

Het vormen van een wortelstelsel gebeurt bij de ene soort struik korter dan bij de andere. De liguster–forsythia- jasmijn, weigelia en de vlier zullen binnen het half jaar al een wortelstelsel gevormd hebben. Soorten waarbij het iets langer duurt zijn bijvoorbeeld de langzamere groeiers, rododendron, azalea magnolia en de camelia`s. De vorming van de wortels is ook afhankelijk van de temperatuur.

Vrijwel alle heesters en heel veel planten kunnen worden afgelegd, enkele bekende soorten zijn:
Eenvoudig af te leggen zijn:

Clematissoorten Klimhortensia (Hydrangea)
Wilde wingerd (Parthenocissus)
Winterjasmijn (Jasminum)
Kamperfoelie (Lonicera)
Passiebloem (Passiflora)
Klimop(Hedera)
Druif (Vitis)
Olijfwilg (Elaeagnus)
Schijnhazelaar (Corylopsis)
Kardinaalshoed (Euonymus)
Sneeuwbal (Viburnum davidii)
Beverboom (Magnolia)
Rododendron
Liguster (Ligustrum)
Grasanjers
Mahoniestruik (Mahonia)
Pelargonium doet dit van nature zelf al.
Blauweregen(Wisteria) afleggen in juni (moet altijd licht beschadigd worden om de wortelgroei te stimuleren)

 

sneeuwbal

Marcotteren -luchtafleggen

Dit is een methode van wortelvorming bij planten wanneer er niet in de grond afgelegd kan worden om een nieuwe krachtige plant te verkrijgen. De wortelvorming gaat ook veel sneller dan bij afleggen in de grond. De sapstroom van de plant loopt voornamelijk aan de buitenkant van de tak of stam. Bij deze techniek wordt de opwaartse sapstroom dus (deels) onderbroken. Hoeveel deze onderbreking kan zijn is per plantensoort verschillend, bij ene soort is een rigoureuze maatregel nodig bij de ander is dit teveel. Hoe dan ook de plant wil leven en zal nieuwe wortels aanmaken om voeding en vocht op te kunnen nemen uit de omgeving.

Hiervoor binden we vochtige veenmos (spagnum) om de verwonding heen. Voor marcotteren kies je een krachtig groeiende tak of stam en breng je in de bast, rondom of deels een verwonding aan om op die plaats wortelvorming te stimuleren. Bijvoorbeeld door rondom de tak in de bast een kerving te maken. Daaronder wordt nog een inkerving rondom gemaakt om een afstand welke anderhalf keer de omvang van de tak is. De bast tussen deze inkervingen wordt voorzichtig weggesneden met een absoluut schoon en scherp mesje. De wond wordt daarna schoon geschraapt tot op het dode hout. Breng een dunne laag stekpoeder aan. En laat de grote verwonding een uur rustig drogen alvorens ze te verbinden.
Om de hele plaats van verwonding wordt een  laag vochtige veenmos(sphagnum) aangebracht. Dit moet enigszins luchtig maar wel goed dicht verbonden worden met plasticfolie, om uitdrogen van het sphagnum te voorkomen. Soms is meer warmte nodig om tot wortelvorming te komen. Dan kan er zwart plastic over het doorzichtige plasticfolie heen gebonden worden. Zwarte kleuren geleiden en houden zonnewarmte beter vast.

Na ongeveer een maand zullen er wortels (witte haarwortels voor de voeding en vochtopname) gevormd worden en bij voldoende wortelvorming kan het plastic eraf. En kan de tak onder de wortels gesnoeid worden. Deze ringmethode is het meest rigoureus om te marcotteren, de ene  soort boom-struik zal hier spontaan met wortelvorming op reageren om te overleven, bij de andere soort kan dit de dood van de tak of boom boven de verwonding betekenen. Het is dus zeker noodzakelijk te weten welke methode een goed resultaat heeft bij een soort boom of struik.

Marcotteren 5  Marcotteren bast weghalen Marcotteren stekpoeder
ringmethode                                                              bast er rondom af  tot dode hout           stekpoeder er dun op
Er zijn meerdere methodes om de sapstroom te vertragen of te onderbreken en tot wortelgroei aan te zetten.

Ringmethode
er wordt rondom zonder onderbreking bij de tak of stam in de bast een inkeping gemaakt. Daarna iets lager aan de tak of stam, wordt nog een inkeping gemaakt. Deze afstand is anderhalf keer de breedte van de tak of stam. Aan de ruimte ertussenin wordt de schors er afgehaald en daarna schoon geschraapt door de dunne cambiumlaag heen tot op het dode hout. Een zeer rigoureuze maatregel welke bij sommige soorten de dood van de tak of boom betekend.

Brugmethode, deze wordt hetzelfde uitgevoerd als de ringmethode maar dan met tekens een onderbrekend gedeelten waar stukjes aan de bast welke blijven zitten en onbeschadigd blijven en daar de sapstroom door kan gaan.  Voor bomen met een trage wortelvorming.

Tourniquetmethode
Hierbij wordt een stevige (metaaal) draad zo strak om de tak of stam heen gedraaid dat het diep in de bast snijdt, door de cambiumlaag heen tot op het dode hout. Pas de doorsnede van het draad aan naar de dikte van de tak of stam, zodat er niet over het draad heen gegroeid kan worden. Daarna wordt net als bij de andere methodes de striemwond met vochtige sphagnum en plasticfolie verbonden. De wortels zullen boven de insnijding groeien. Een veilige methode maar ook een langdurende methode voor er wortelgroei is.

Methodeschorsflapjes
hierbij worden er rondom de tak of stam verticale opwaartse vlakke insnijdingen gemaakt waardoor de bast op die plaatsen iets omhoog gebogen kan worden. Hieronder wordt vochtige spagnum aangebracht zodat de omhoog staande schorsflapjes niet terug kunnen. Het geheel wordt nu ingepakt en verbonden met vochtige stekgrond en plasticfolie. De stekgrond moet vochtig gehouden worden. Wordt toegepast bij soorten bomen welke moeilijker te marcotteren zijn.

Eén diepe insnijding
Bij zachte dunnere takken is één diepe verticale inkeping welke open gehouden wordt vaak al genoeg. Leg vochtige sphagnum onder de inkeping en er omheen en verbindt het ook weer plasticfolie.

 

marcotteren
diep insnijden en wond openhouden                         in plastic verbinden                                                   na wortelvorming onder de wortels snoeien

  • Gebruik bij het maken van de verwonding absoluut schoon en scherp gereedschap. Met alcohol gedesinfecteerd.
  • Raak ook de verwondingen ook niet aan met blote vingers. Bacteriën kunnen de wond infecteren.
  • Het niet diep genoeg insnijden kan er toe leiden dat er geen wortels gevormd worden maar dat de wond geheeld wordt door de aanmaak van callus en dus alleen een litteken achterblijft.
  • Het aanbrengen van stekpoeder is in een dunne laag is aan te raden om de wortelgroei te vergemakkelijken en te bevorderen.
  • Leg een dikke laag veenmos aan maar niet te dik, knijp nat veenmos eerst uit zodat het vochtig aanvoelt.
  • Controleer na enige tijd de vochtigheid van het sphagnum, is het droog dan verdrogen ook de wortels maar is het te nat dan kan het gaan rotten en schimmelen.
  • Over het algemeen kan er bij bladverliezende soorten meer schors weggehaald worden dan bij bladbehoudende.
  • Marcotteren wordt het beste uitgevoerd in het voorjaar of vroege zomer. (april-mei –juni)
  • Heb geduld in het wachten op wortels. Hoe snel het gaat is afhankelijk van de soort boom of struik.
  • Het kan 2 maanden duren, bij een snel groeiende soort zoals de blauweregen en de ringmethode maar ook drie jaar. Ook de temperatuur en het licht speelt een rol, bij warm weer zal het sneller gaan. De beste groei temperatuur is vanaf 18 graden.

Ringmethode

Els in juni
Iep(Ulmus) in juni

Wilg-april-mei
Beuk-Haagbeuk
Esdoorn
Klimop (Hedera) april
Acer palmatum mei 
Caragana juni
Crataegus mei
Salix juni
Zelkova juni auweregen(Wisteria)
Larix april Metasequoia april
Cryptomeria april Chamaecyparis april   
Granaatappel
Jeneverbes april
Ceder (Cryptomeria) april
Ficus
Ganzerik (Potentilla)Juni
Meidoorn (Crataegus) Juni       

Brugmethode:

Berk(Carpinus) juni

Rhododendron april – 3 tot 4 mnd

Cotoneaster mei Malus juni
Magnolia mei
Granaatappel (Punica) april

Mango(Potentilla) mei
Kwee(Chaenomeles) juni
Kardinaalsmuts (Euonymus) april
Sneeuwba (Viburnum) juni
Jasmijn(Jasminum)

juni Beverboom(Magnolia) juni
Tourniquetmethode Beuk in juni
Camellia april Vitis juni
Azalia april
Laurierkers (Prunus) juni
Peer(Pyrus) juni
Perzik (Prunus)juni
Palmboompje (Ginko biloba) juni
Den (Pinus) april
Moerascipres (Taxodium) april
Camelia(april) Ceder (Cryptomeria)  

Tourniquetmethode

Beuk in juni
Camellia april juni
Azalia april
Laurierkers (Prunus) juni
Peer(Pyrus) juni
Perzik (Prunus)juni
Palmboompje (Ginko biloba) juni
Den (Pinus) april
Moerascipres (Taxodium) april
Spar(Picea) april
Camelia(april)
Ceder (Cryptomeria)

 

We gebruiken cookies om, op basis van getoonde interesse, onze website te optimaliseren. Wil je eerst meer informatie over ons cookie-beleid klik dan hier.
Ik ga akkoord
x